Clindamycine

Stofnaam
Clindamycine
Merknaam
Dalacin C
ATC Code
J01FF01
Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

Niet ernstige tot matig ernstige infecties (eerste lijn): On-label
Infecties:
Oraal: on-label
Intraveneus:
< 1 mnd: off-label
> 1 mnd: on-label
Infecties bij CF: on-label
Endocarditis profylaxe: on-label

Toon registratiestatus

Ernstige infecties:
IM/IV
>1 mnd:  20-40 mg/kg/dag in 3-4 doses
PO:
> 1 mnd: 8-25 mg/kg/dag in 3-4 doses
 

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Capsule (als hydrochloride-1-water) 150 mg, 300 mg
Inj.vlst. (als diwaterstoffosfaat) 150 mg/ml  De injectievloeistof bevat 9 mg/ml benzylalcohol
Opl. cutaan (hydrochloride-1-water) 10 mg/ml
Susp. oraal "poeder voor" (als palmitaathydrochloride) 15 mg/ml

Eigenschappen

Clindamycine, een semisynthetisch derivaat van lincomycine, kan bacteriostatisch of bactericide werken, afhankelijk van de bereikte concentratie ter plaatse van de infectie en van de gevoeligheid van het micro-organisme. Clindamycine bindt aan de 50S-subunit van het bacteriële ribosoom en remt daarmee de vroege fase van de bacteriële eiwitsynthese. Gewoonlijk gevoelig zijn: Actinomyces israelii, Staphylococcus aureus (meticilline–gevoelige stammen), Streptococcus pneumoniae (uitsluitend de penicilline–gevoelige stammen), Streptococcus pyogenes, Streptococcus agalactiae, Bacillus spp. (waaronder Bacillus anthracis), Bacteroides spp. (uitgezonderd Bacteroides fragilis), Fusobacterium spp., Prevotella spp., Porphyromonas spp., Propionibacterium acnes, Veillonella spp., Chlamydia trachomatis, Chlamydophyla pneumoniae, Gardnerella vaginalis en Mycoplasma hominis. Een verworven resistentie kan een probleem zijn bij: coagulase–negatieve stafylokokken (uitgezonderd meticilline–resistente stammen), Staphylococcus aureus (meticilline–resistente stammen), Streptococcus pneumoniae (uitgezonderd penicilline–gevoelige stammen), Moraxella catarrhalis, Bacteroides fragilis, Clostridium perfringens en Peptostreptococcus spp. Ongevoelig zijn: coagulase–negatieve stafylokokken (meticilline–resistente stammen), Enterococcus faecalis, Enterococcus faecium, Listeria monocytogenes, Escherichia coli, Haemophilus influenzae, Klebsiella spp., Neisseria gonorrhoeae, Neisseria meningitides, Pseudomonas aeruginosa, Clostridium difficile, Mycoplasma pneumoniae en Ureaplasma urealyticum. Tussen clindamycine en macroliden bestaat gedeeltelijke kruisresistentie.

Kinetische gegevens

Doseringen

Indicatie: Infecties
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      • 8 - 25 mg/kg/dag in 3 - 4 doses , max: 1,8g/dag
  • Intraveneus
    • < 1 week en geboortegewicht < 2000 gr
      • 10 mg/kg/dag in 2 doses
    • < 1 week en geboortegewicht ≥ 2000 gr
      • 15 mg/kg/dag in 3 doses
    • 1 week tot 4 weken en geboortegewicht < 2000 gr
      • 10 mg/kg/dag in 2 doses
    • 1 week tot 4 weken en geboortegewicht ≥ 2000 gr
      • 20 mg/kg/dag in 4 doses
    • 1 maand tot 18 jaar
      • 30 - 40 mg/kg/dag in 3 - 4 doses , max: 4,8g/dag
Indicatie: Infecties bij Cystic Fibrosis
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      • 25 mg/kg/dag in 3 - 4 doses , max: 2,4g/dag
  • Intraveneus
    • 1 maand tot 18 jaar
      • 40 mg/kg/dag in 3 - 4 doses , max: 4,8g/dag
Indicatie: Endocarditis profylaxe bij overgevoeligheid voor penicilline of behandeling met penicilline in de 7 dagen voor de ingreep
  • Oraal
    • < 10 kg
      [11]
      • 30-60 minuten voor de ingreep 150 mg/dosis éénmalig
    • 10 tot 30 kg
      [11]
      • 30-60 minuten voor de ingreep 300 mg/dosis éénmalig
    • 30 tot 70 kg
      [11]
      • 30-60 minuten voor de ingreep 450 mg/dosis éénmalig
    • ≥ 70 kg
      [11]
      • 30-60 minuten voor de ingreep 600 mg/dosis éénmalig
  • Intraveneus
    • 1 maand tot 18 jaar
      [11]
      • 30-60 minuten voor de ingreep 20 mg/kg/dosis éénmalig , max: 600mg/dosis

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

Aanpassing van de dosering bij nierfunctiestoornissen is niet nodig.

MACROLIDEN, LINCOSAMIDEN EN STREPTOGRAMINEN

MACROLIDEN

Azitromycine

Zithromax
J01FA10
J01FA09

Erytromycine

Erythrocine
J01FA01

Bijwerkingen bij kinderen

Clindamycine kan aanleiding geven tot ernstige diarree, colitis en pseudomembraneuze colitis, veroorzaakt door toxines van Clostridium difficile. Tevens kan er ten gevolge van te snelle toediening hypotensie en hartstilstand optreden.

Bijwerkingen bij volwassenen

Vaak (1–10%): misselijkheid, braken, maagpijn, diarree, oesofagitis, ontsteking van het mondslijmvlies. Stijging transaminasen in serum. Reacties op de injectieplaats na i.m. toediening zoals irritatie, pijn, verhardingen en steriele abcessen. Soms (0,1–1%): Trombocytopenie, leukopenie, neutropenie, granulocytopenie, eosinofilie. Morbilliform exantheem, jeuk, urticaria. Pseudomembraneuze enterocolitis. Neuromusculair blokkerend effect. Tromboflebitis en pijn op de infusieplaats. Zelden (0,01–0,1%): Quincke–oedeem, zwelling van de gewrichten. Vaginitis. Afschilferende en bulleuze huidontsteking, erythema multiforme, Stevens–Johnsonsyndroom, toxische epidermale necrolyse. Geneesmiddelenkoorts. Na snelle i.v. toediening hypotensie en cardiopulmonale stilstand. Zeer zelden (< 0,01%): anafylactische shock. Polyartritis. Cholestatische hepatitis. Verder zijn gemeld: smaakstoornis, reukstoornis, hoofdpijn, slaperigheid, duizeligheid.
 

Contraindicaties bij kinderen

Prematuren (omdat de injectievloeistof benzylalcohol bevat).

Contraindicaties

Overgevoeligheid voor lincomycinen.

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Clindamycine dringt niet goed door in het centrale zenuwstelsel. Bij opportunistische infecties zijn hoge doses geindiceerd. Cave pseudomembraneuze colitis. Dosis aanpassen bij kinderen met een verminderde leverfunctie. Bij kinderen jonger dan één jaar en bij langdurig gebruik (> 3 weken) regelmatig de leverfunctie, nierfunctie en het bloedbeeld controleren

Waarschuwingen en voorzorgen

Niet gebruiken bij de behandeling van meningitis vanwege de geringe diffusie in de cerebrospinale vloeistof. Voorzichtig bij gastro-intestinale aandoeningen (m.n. colitis) in de anamnese, nier- en/of leverfunctiestoornissen (in het bijzonder gepaard gaande met ernstige metabole afwijkingen), een verstoorde neuromusculaire transmissie (bv. myasthenia gravis, M.Parkinson) en allergische aandoeningen zoals een atopische ziekte. . Bij ernstige of aanhoudende diarree de diagnose pseudomembraneuze colitis overwegen. Deze colitis kan tot 2 à 3 weken na de therapie ontstaan en kan vooral bij ouderen en verzwakte patiënten ernstig verlopen. Er bestaat een gedeeltelijke kruisresistentie tussen clindamycine en macroliden. In individuele gevallen is anafylaxie waargenomen bij personen met een reeds bestaande allergie voor penicillinen.

Interacties

Relevant: het metabolisme van clindamycine wordt geremd door HIV-proteaseremmers en elvitegravir.

Clindamycine kan de ciclosporineconcentratie verlagen, het mechanisme is nog onbekend.

Interacties antibacteriele middelen algemeen
Relevant: de werking van oraal buiktyfusvaccin kan worden verminderd bij gelijktijdige inname van antibacteriële middelen. Gescheiden inname met een interval van 3 dagen wordt aanbevolen. Alternatief: parenteraal buiktyfusvaccin.

Het effect van cumarinederivaten kan worden versterkt, waarschijnlijk door een verhoogde afbraak van stollingsfactoren gedurende de koortsperiode.

Geen interactie: in de literatuur is onvoldoende onderbouwing voor interactie met orale anticonceptiva (dit geldt niet voor de enzyminducerende antibiotica rifabutine en rifampicine) of met TNF-α-antagonisten.

 

Referenties

  1. Hartwig NC, et al, Vademecum pediatrische antimicrobiële therapie, 2005
  2. Bell MJ, et al, Pharmacokinetics of clindamycin phosphate in the first year of life, J Pediatr, 1984, 105, 482-6
  3. Faix RG, et al, A randomized, controlled trial of parenteral clindamycin in neonatal necrotizing enterocolitis, J Pediatr, 1988, 112, 271-7
  4. Frank AL, et al, Clindamycin treatment of methicillin-resistant Staphylococcus aureus infections in children, Pediatr Infect Dis J, 2002, 21, 530–534
  5. Jacobson SJ, et al, A randomized controlled trial of penicillin vs clindamycin for the treatment of aspiration pneumonia in children., Arch Pediatr Adolesc Med, 1997, 151, 701-4
  6. Kaplan SL., Treatment of community-associated methicillin-resistant Staphylococcus aureus infections, Pediatr Infect Dis J, 2005, 24, 457-8
  7. Peltola H, et al, Simplified treatment of acute staphylococcal osteomyelitis of childhood. The Finnish Study Group., Pediatrics, 1997, 99, 846-50
  8. Tanz RR, et al, Clindamycin treatment of chronic pharyngeal carriage of group A streptococci., J Pediatr, 1991, 119, 123-8
  9. ZorgInstituut Nederland, Farmacotherapeutisch Kompas (Eigenschappen, Contra-Indicaties, Bijwerkingen, Waarschuwingen en Voorzorgen), Geraadpleegd 16 okt 2014
  10. Informatorium Medicamentorum, (Interacties), Geraadpleegd 16 okt 2014
  11. Endocarditis Profylaxe Commissie Nederlandse Hartstichting, Preventie bacteriele endocarditis, Herziening augustus 2008
  12. Cohen R, et al, Pharmacokinetics and pharmacodynamics of antimicrobial therapy used in child osteoarticular infections., Arch Pediatr., 2007, 14, S122-7
  13. Ecury-Goosssen GM, et al, Sequential intravenous-oral antibiotic therapy for neonatal osteomyelitis, Pediatr Infect Dis J, 2009, 28, 72-3
  14. Hyun DY, et al, Trimethoprim-sulfamethoxazole or clindamycin for treatment of community-acquired me thicillin-resistant Staphylococcus aureus skin and soft tissue infections, Pediatr Infect Dis J, 2009, 28, 57-9

Wijzigingen