Vancomycine

Stofnaam
Vancomycine
Merknaam
Vancocin
ATC Code
J01XA01
Apotheek icon
Voor ouders op Apotheek.nl
Algemeen
Doseringen
Nierfunctiestoornissen
Soortgelijke geneesmiddelen
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen
Interacties
Referenties
Wijzigingen

Label dosisadvies Kinderformularium

Infecties
Neonaten: On-label
Kinderen:
Dosering tot 40 mg/kg/dag: On-label
dosering > 40 mg/kg/dag: Off-label
Intraventriculair: Off-label
Endocarditis profylaxe: Off-label

Toon registratiestatus

Ernstige infecties (IV):
Neonaten: initiële dosis: 15 mg/kg IV, gevolgd door 10 mg/kg IV om de 12 uur in de 1e levensweek, gevolgd door 10 mg/kg IV om de 8 uur tot de leeftijd van 1 maand,
1 maand – 12 jaar: 10 mg/kg om de 6 uur of 20 mg/kg om de 12 uur
> 12 jaar: 4 dd 500 mg of 2 dd 1000 mg

Bacteriele endocarditis (IV):
> 12 jaar: 2 dd 1000 mg, gedurende 4 weken, (endocarditis door enterokokken: gedurende 6 weken)
Enterocolitis tgv stafylokokken en pseudomembraneuze colitis door clostridium difficile:
Kinderen:
40 mg/kg/dag PO verdeeld over meerdere giften.

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Capsule (als hydrochloride) 250 mg
Poeder voor infusieopl. (als hydrochloride) 500 mg, 1000 mg

Eigenschappen

Tricyclisch glycopeptide antibioticum, verkregen uit Amycolatopsis orientalis. Werkt bactericide. Vancomycine remt de bacteriële celwandsynthese, tast de permeabiliteit van de bacteriële celmembraan aan en blokkeert de RNA-synthese. Doorgaans gevoelig zijn: Enterococcus faecalis, Staphylococcus aureus (incl. meticilline resistente stammen), Staphylococcus coagulase-negatief, Staphylococcus epidermidis (incl. meticilline resistente stammen), Streptococcus spp. (incl. Streptococcus pneumoniae), Clostridium spp. waaronder Clostridium difficile. Een verworven resistentie kan een probleem zijn bij: Enterococcus faecium. Ongevoelig zijn: Gram-negatieve bacteriën, Chlamydia spp., Mycobacterium spp., Mycoplasma spp. en Rickettsia spp.

Kinetische gegevens

Na orale toediening zeer slechte absorptie.

T1/2 =
Neonaten <2000 gram:
<1 week: 6-11 uur
1-4 weken: 5-11 uur
Neonaten >2000 gram:
< 1week: 6-7 uur
1-4 weken: 5-6 uur.
Kinderen: 2,2-3 uur
Volwassenen: 5-11 uur.
Na orale toediening zeer slechte absorptie.

Vd =
Neonaten: 0,38 – 0,97 L/kg (neonaten met verschillende GA’s)
3 mnd-18jr: 0,63 L/kg

Cl =
Neonaten: 0,63 – 1,5 ml/kg/min.
3 mnd-18jr: 0,12 L/kg/hr

 

Algemene opmerkingen


 

Doseringen

Ga snel naar:

Indicatie: Infecties
  • Intraveneus
    • Prematuren < 1 week en geboortegewicht < 2,5 kg
      • 20 mg/kg/dag in 2 doses Inlooptijd 1-2 uur. Dosering op geleide spiegels.
      • Streefspiegel: 10-15 mg/L; Target: AUC/MIC ≥ 400 bij MIC ≤ 1 mg/L

        Er is momenteel geen consensus over de dosering bij a terme neonaten en prematuren. Onderzoek hiernaar loopt nog en zodra er meer bekend is, zal de dosering worden aangepast conform de uitkomst van het onderzoek.

        ...lees verder
    • Prematuren 1 week tot 4 weken en geboortegewicht < 2,5 kg
      • 30 mg/kg/dag in 3 doses In 1-2 uur inlopen.  Dosering op geleide spiegels
      • Streefspiegel: 10-15 mg/L; Target: AUC/MIC ≥ 400 bij MIC ≤ 1 mg/L

        Er is momenteel geen consensus over de dosering bij a terme neonaten en prematuren. Onderzoek hiernaar loopt nog en zodra er meer bekend is, zal de dosering worden aangepast conform de uitkomst van het onderzoek.

        ...lees verder
    • A terme neonaat < 1 week en ≥ 2,5 kg
      • 32 mg/kg/dag in 4 doses Inlopen in 1-2 uur. Dosering op geleide spiegels.
      • Streefspiegel: 10-15 mg/L; Target: AUC/MIC ≥ 400 bij MIC ≤ 1 mg/L

        Er is momenteel geen consensus over de dosering bij a terme neonaten en prematuren. Onderzoek hiernaar loopt nog en zodra er meer bekend is, zal de dosering worden aangepast conform de uitkomst van het onderzoek.

        ...lees verder
    • A terme neonaten 1 week tot 4 weken en ≥ 2,5 kg
      • 48 mg/kg/dag in 4 doses In 1-2 uur inlopen. Dosering op geleide spiegels.
      • Streefspiegel: 10-15 mg/L; Target: AUC/MIC ≥ 400 bij MIC ≤ 1 mg/L

        Er is momenteel geen consensus over de dosering bij a terme neonaten en prematuren. Onderzoek hiernaar loopt nog en zodra er meer bekend is, zal de dosering worden aangepast conform de uitkomst van het onderzoek.

        ...lees verder
    • 1 maand tot 18 jaar
      • 60 mg/kg/dag in 4 doses , max: 4g/dag In 1-2 uur inlopen. Dosering op geleide spiegels
      • Streefspiegel: 10-15 mg/L; Target: AUC/MIC ≥ 400 bij MIC ≤ 1 mg/L

Indicatie: Koorts bij neutropenie, shuntinfectie
  • Intraveneus
    • 1 maand tot 18 jaar
      • 60 mg/kg/dag in 4 doses , max: 4g/dag Inlopen in 1-2 uur. Dosering op geleide spiegels
      • Streefspiegel: 10-15 mg/L; Target: AUC/MIC ≥ 400 bij MIC ≤ 1 mg/L

Indicatie: Endocarditis profylaxe bij overgevoeligheid voor penicilline of behandeling met penicilline in de 7 dagen voor de ingreep
  • Intraveneus
    • 1 maand tot 18 jaar
      • 1-2 uur voor de ingreep 10 mg/kg/dosis éénmalig Maximale dosering per gift: 1g/dosis
Indicatie: Enterocolitis tgv stafylokokken en pseudomembraneuze colitis
  • Oraal
    • 1 maand tot 18 jaar
      • 40 mg/kg/dag in 3 doses , max: 2g/dag
Indicatie: Infectie centraal zenuwstelsel (intraventriculaire toediening)
  • Intraventriculair
    • 1 maand tot 18 jaar
      • 10 mg/dosis 1 dd of 1 x per 2 dagen
      • Uitsluitend na overleg met bacterioloog/infectioloog.

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

Aanpassingen als volgt:

GFR 50-80 ml/min/1.73 m2
100% van normale keerdosis en interval tussen twee doseringen: 24 uur
GFR 30-50 ml/min/1.73 m2
100% van normale keerdosis en interval tussen twee doseringen: 48 tot 72 uur
GFR 10-30 ml/min/1.73 m2
100% van normale keerdosis en interval tussen twee doseringen: 48 tot 72 uur
GFR < 10 ml/min/1.73 m2
100% van normale keerdosering en interval tussen 2 doseringen: 1 week
Klinische gevolgen

Normaal doseringsinterval: 6 uur, op geleide van plasmaspiegels.

Spiegelbepaling bij IV toediening
Dalspiegelbepaling voor 4e gift, bij slechte nierfunctie eerder spiegelcontrole; Frequentie bepaling: 2 x/week bij stabiele patienten; inlooptijd 1-2 uur.
T=0 (=dal): 10-15 mg/l

OVERIGE ANTIBACTERIELE MIDDELEN

STEROIDE ANTIBACTERIELE MIDDELEN

Fusidinezuur

Fucidin
J01XC01
POLYMYXINES

Colistine (penta-Na-mesilaat)

Colistin, Colifin, Colobreathe, Tadim
J01XB01
GLYCOPEPTIDEN

Teicoplanine

Targocid
J01XA02
NITROFURAANDERIVATEN

Nitrofurantoine

Furabid, Furadantine MC
J01XE01
OVERIGE ANTIBACTERIELE MIDDELEN

Daptomycine

Cubicin
J01XX09

Fosfomycine

Monuril, Fomicyt
J01XX01

Linezolid

Zyvoxid
J01XX08

Bijwerkingen bij kinderen

Trombocytopenie, neutropenia, flebitis, huidaandoeningen, ototoxiciteit, DRESS-syndroom, nefrotoxiciteit.
Red man syndrome (RMS) komt veel voor bij kinderen (ca 14%). Risicofactoren zijn: leeftijd > 2 jaar, eerder RMS gehad, dosering vancomycine ≥ 10 mg/kg, vancomycine concentratie: ≥5 mg/ml en eerder antihistamine gebruik.
Dalspiegels tot 20 µg/ml geven geen verhoogde kans op nefrotoxiciteit vergeleken met dalspiegels tot 15 µg/ml. Risicofactoren voor het optreden van nefrotoxiciteit zijn: langere duur van de behandeling, gebruik vasopressoren, gebruik AV-ECMO.

Bijwerkingen

I.v.: vaak (1-10%): (trombo)flebitis, bloeddrukdaling, 'red man syndroom' (roodheid van de huid van het bovenlichaam, pijn en kramp in borst- en/of rugspieren). Dyspneu, stridor. Exanthemen, urticaria, jeuk, mucositis. Nierinsufficiëntie (eerste manifestatie is stijging serumcreatinine of serumureum). Soms (0,1–1%): Voorbijgaand of permanent gehoorverlies. Zelden (0,01–0,1%): trombocytopenie, neutropenie, agranulocytose, eosinofilie. Overgevoeligheidsreacties, anafylaxie. Geneesmiddelenkoorts, rillingen. Vasculitis. Oorsuizen, duizeligheid. Misselijkheid. Interstitiële nefritis, acute nierinsufficiëntie. Zeer zelden (< 0,01%): pseudomembraneuze enterocolitis. Exfoliatieve dermatitis, Stevens-Johnsonsyndroom, Lyell-syndroom, lineaire, door IgA geïnduceerde, bulleuze dermatitis. Hartstilstand.

Oraal: vaak (1-10%): overgroei met bacteriën of schimmels. Soms (0,1-1%): misselijkheid. Gehoorverlies. Huiduitslag, jeuk. Koorts. Zelden (0,01-0,1%): anafylactische reactie, andere overgevoeligheidsreacties. Oorsuizen. Bloeddrukdaling, overmatig blozen. Exfoliatieve dermatitis, urticaria. Interstitiële nefritis. Zeer zelden (< 0,01%): Stevens-Johnsonsyndroom, toxische epidermale necrolyse.

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Inloopsnelheid 1-2 uur. Bij te snelle toediening kan het 'red man'syndroom optreden. Tenminste 2 x per week kreatinine bepalen. Bij vroeggeborenen/kinderen extra controle ivm immaturiteit nieren.
Gebruik van vancomycine vormt een risico voor het ontwikkelen van kolonisatie met EBSL-prod. Klebsiella in het maagdarmkanaal van neonaten.
Gelijktijdig gebruik met anesthetica bij kinderen in verband gebracht met erytheem en anafylactoïde reacties. Indien toediening van vancomycine nodig is als chirurgische profylaxe, wordt aangeraden om de anesthetica toe te dienen na afloop van de infusie met vancomycine.
Let op: kinderen met obesitas/overgewicht hebben meer kans op verhoogde spiegels.

Indien patiënten de gewenste serumconcentratie niet halen met intermitterende intraveneuze (IIV) therapie dan is het een optie om ze om te zetten naar continue intraveneuze therapie (CIV). Let op: de totale dagdosering aan vancomycine ligt bij CIV lager dan bij IIV.

Waarschuwingen en voorzorgen

Kruisovergevoeligheid met teicoplanine is gemeld. In verband met de toxiciteit van vancomycine voorzichtig zijn bij toediening bij verminderde nierfunctie en toediening bij eerder gehoorverlies vermijden. De incidentie van ototoxiciteit en nefrotoxiciteit neemt toe bij verhoogde serumconcentraties (zoals die kunnen optreden bij te snelle infusie of een verminderde nierfunctie), bij langdurige therapie en bij combinatie met andere oto- of nefrotoxische geneesmiddelen. Langdurige therapie kan daarnaast aanleiding geven tot overvloedige groei van niet-gevoelige bacteriën. Orale toediening is niet geschikt voor de behandeling van systemische infecties. Bij de behandeling van pseudomembraneuze colitis kan na orale toediening soms klinisch relevante resorptie optreden (bv. bij verminderde nierfunctie); controle van de serumconcentraties kan bij deze patiënten aangewezen zijn. Bij i.v. toedieningregelmatig de bloedspiegel van vancomycine bepalen (2–3 ×/week), de nierfunctie controleren, een urineanalyse uitvoeren, en hematologische onderzoeken verrichten; vooral bij een nierfunctie op de grens en bij ouderen tevens de gehoorfunctie volgen. Doofheid kan worden vooraf gegaan door oorsuizen en kan progressief zijn ondanks staken van de behandeling. Voorkom volumedepletie, bijvoorbeeld als gevolg van gelijktijdig gebruik van diuretica. Bij ernstige of aanhoudende diarree tijdens of na de parenterale toediening de diagnose pseudomembraneuze colitis overwegen. Vancomycine wordt vrijwel niet verwijderd bij hemodialyse en peritoneaal dialyse.

Interacties

Niet relevant: de absorptie en AUC van methotrexaat kunnen afnemen door oraal toegediend vancomycine.

De kinetiek van methotrexaat kan wijzigen door parenteraal toegediend vancomycine.

Niet beoordeeld: het risico op nefrotoxiciteit is verhoogd bij combinatie met aminoglycosiden.

Indometacine kan de eliminatie van vancomycine in neonaten verminderen met als gevolg een hogere serumconcentratie en een langere halfwaardetijd.

Interacties antibacteriele middelen algemeen:

Relevant: de werking van oraal buiktyfusvaccin kan worden verminderd bij gelijktijdige inname van antibacteriële middelen. Gescheiden inname met een interval van 3 dagen wordt aanbevolen. Alternatief: parenteraal buiktyfusvaccin.

Het effect van cumarinederivaten kan worden versterkt, waarschijnlijk door een verhoogde afbraak van stollingsfactoren gedurende de koortsperiode.

Geen interactie: in de literatuur is onvoldoende onderbouwing voor interactie met orale anticonceptiva (dit geldt niet voor de enzyminducerende antibiotica rifabutine en rifampicine) of met TNF-α-antagonisten.

Referenties

  1. Hartwig NC, et al, Vademecum pediatrische antimicrobiële therapie, 2005
  2. Informatorium Medicamentorum, (Interacties, Verminderde nierfunctie), Geraadpleegd 28 nov 2014
  3. ZorgInstituut Nederland, Farmacotherapeutisch Kompas (Eigenschappen, Contra-Indicaties, Bijwerkingen, Waarschuwingen en Voorzorgen), Geraadpleegd 28 nov 2014
  4. Endocarditis Profylaxe Commissie Nederlandse Hartstichting, Preventie bacteriele endocarditis, Herziening augustus 2008
  5. Eurocept BV, SmPC Vancocin (RVG 10657, 11984), www.cbg-meb.nl, Geraadpleegd 09 juli 2010, http://db.cbg-meb.nl/IB-teksten/h10657.pdf
  6. Frymoyer A et al., Prediction of vancomycin pharmacodynamics in children with invasive methicillin-resistant Staphylococcus aureus infections: a Monte Carlo simulation. , Clin Ther, 2010, Mar;32(3), 534-42
  7. Vella-Brincat et al, Are gentamicin and/or vancomycin associated with ototoxicity in the neonate? A retrospective audit., Neonatology., 2011, 100(2), 186-93
  8. Ofek-Shlomai N et al, Gastrointestinal colonization with ESBL-producing Klebsiella in preterm babies--is vancomycin to blame?, J Clin Microbiol Infect Dis, 2012, Apr;31(4), 567-70
  9. Myers AL et al, Defining risk factors for red man syndrome in children and adults., Pediatr Infect Dis J. , 2012, May;31(5), 464-8
  10. Fung L., Continuous infusion vancomycin for treatment of methicillin-resistant Staphylococcus aureus in cystic fibrosis patients., Ann Pharmacother, 2012, Oct;46(10):, e26
  11. Kitcharoensakkul et al, Vancomycin-induced DRESS with evidence of T-cell activation in a 22-month-old patient. , Allergy Asthma Immunol, 2012, Oct;109(4), 280-1
  12. McKamy et al, Evaluation of a pediatric continuous-infusion vancomycin therapy guideline, Am J Health Syst Pharm, 2012, Dec 1;69(23), 2066-71
  13. Jacqz-Aigrain E et al. , Use of antibacterial agents in the neonate: 50 years of experience with vancomycin administration. , Semin Fetal Neonatal Med, 2013, Feb;18(1), 28-34
  14. Le J et al, Improved vancomycin dosing in children using area under the curve exposure., Pediatr Infect Dis J., 2013, Apr;32(4)
  15. Cies et al, Nephrotoxicity in Patients with Vancomycin Trough Concentrations of 15–20 ?g/ml in a Pediatric Intensive Care Unit, Pharmacotherapy., 2013, Apr;33(4), 392-400
  16. Linder N et al. , Duration of vancomycin treatment for coagulase-negative Staphylococcus sepsis in very low birth weight infants. , J Clin Pharmacol, 2013, Jul;76(1), 58-64
  17. Madigan T et al., The effect of age and weight on vancomycin serum trough concentrations in pediatric patients., Pharmacotherapy., 2013, Dec;33(12), 1264-72
  18. Heble DE Jr et al , Vancomycin trough concentrations in overweight or obese pediatric patients., Pharmacotherapy, 2013, Dec;33(12), 1273-7
  19. Cole TS et al , Vancomycin dosing in children: what is the question?, Arch Dis Child, 2013, Dec;98(12), 994-7
  20. Taketomo, Pediatric & neonatal dosage handbook , 20th edition
  21. Nederlandse Vereniging voor Neurologie , Richtlijn Bacteriele Meningitis, 2013
  22. NVZA, Richtlijn TDM Vancomycine , mei 2014
  23. ErasmusMC-Sophia, protocol Vancomycine , juli 2014
  24. Janssen, E. et al., In press

Wijzigingen

  • 17 november 2015 09:48: De adviezen voor dosisaanpassing bij nierfunctie stoornissen werden ontleend aan het KNMP handboek verminderde nierfunctie. Dit is niet in overeenstemming met de handelswijze van kindernefrologen. Daarom wordt het doseeradvies van het Vademecum Pediatrische antimicrobiele therapie aangehouden.