Trametinib

Stofnaam
Trametinib
Merknaam
Mekinist, Spexotras
ATC code
L01EE01
Doseringen
Nierfunctiestoornissen

Produkten, hulpstoffen, toediening en tekorten
Bijwerkingen
Contraindicaties
Waarschuwingen en voorzorgen

Interacties
Eigenschappen (PD/PK)

Registratiestatus
Middelen uit dezelfde ATC groep
Referenties
Versiebeheer

Eigenschappen Bron: ZorgInstituut Nederland - Farmacotherapeutisch Kompas

Proteïnekinaseremmer. Trametinib is een reversibele, selectieve remmer van door mitogeen geactiveerde extracellulaire signaalgereguleerd kinase 1(MEK1)- en MEK2-activering en -kinase-activiteit. MEK-eiwitten zijn bestanddelen van de extracellulair signaalgereguleerd kinase (ERK)-route. Trametinib remt vooral de MEK-activering door BRAF en de MEK-kinase activiteit. Het remt zo de celgroei van BRAF V600-gemuteerde melanoomcellijnen.

Farmacokinetiek bij kinderen

In pediatrische patienten bedroegen de geometrische gemiddelde steady-state  Cmax en AUCtau (%CV) respectievelijk 22,7 ng/ml (41,1%) en 339 ng*uur/ml (22,2%) in het LGG-cohort en 21,3 ng/ml (36,3%) en 307 ng*uur/ml (22,8%) in het HGG-cohort.

De schijnbare klaring van trametinib bij pediatrische patiënten (mediaan lichaamsgewicht: 32,85 kg) bedroeg 3,44 l/uur (CV van 20%).

De farmacokinetische eigenschappen (absorptiesnelheid en klaring van de werkzame stof) van trametinib bij pediatrische patiënten waren vergelijkbaar met die bij volwassenen. Het lichaamsgewicht had invloed op de orale klaring van trametinib, terwijl de leeftijd dat niet had. De farmacokinetische blootstelling aan trametinib bij pediatrische patiënten die de aanbevolen, op het lichaamsgewicht gebaseerde dosis kregen, lag binnen het bereik van de bij volwassenen waargenomen blootstelling.

[SmPC Spexotras]

Label dosisadvies Kinderformularium

Glioom met een BRAF V600E-mutatie
>1 jaar: on-label

Melanoom met een BRAF V600-mutatie
>12 jaar: on-label

Toon SmPC tekst Toon SmPC tekst

SmPC tekst

Glioom

Lichaamsgewicht* Dosering
51 kg of zwaarder 2 mg 1 x per dag
46-50 kg 1.6 mg 1 x per dag
42-45 kg 1.4 mg 1 x per dag
38-41 kg 1.25 mg 1 x per dag
34-37 kg 1.15 mg 1 x per dag
30-33 kg 1 mg 1 x per dag
26-29 kg 0.9 mg 1 x per dag
22-25 kg 0.85 mg 1 x per dag
18-21 kg 0.7 mg 1 x per dag
14-17 kg 0.55 mg 1 x per dag
12-13 kg 0.45 mg 1 x per dag
11 kg 0.4 mg 1 x per dag
9-10 kg 0.35 mg 1 x per dag
8 kg 0.3 mg 1 x per dag

*Rond het lichaamsgewicht indien nodig af op de dichtstbijzijnde kg.

Melanoom

Lichaamsgewicht Dosering
26-37 kg 1 mg 1 x per dag
38-50 kg 1,5 mg 1 x per dag
>51 kg 2 mg 1 x per dag

Beschikbare toedieningsvormen/sterktes

Tablet 0,5 mg, 2 mg
Poeder voor drank 0,05 mg/ml

 

Overige info toediening/beschikbaarheid

Informatie over geneesmiddeltekorten

Algemene doseer informatie

Voor het behandelen van bijwerkingen kan het nodig zijn de dosis te verlagen, de behandeling te
onderbreken of de behandeling te staken.


Doseringen

Laag gradig of hoog gradig glioom
  • Oraal
    • 1 jaar tot 18 jaar en 8 tot 9 kg
      [1]
      • 0,3 mg/dag in 1 dosis
    • 1 jaar tot 18 jaar en 9 tot 10 kg
      [1]
      • 0,35 mg/dag in 1 dosis
    • 1 jaar tot 18 jaar en 11 tot 12 kg
      [1]
      • 0,4 mg/dag in 1 dosis
    • 1 jaar tot 18 jaar en 12 tot 13 kg
      [1]
      • 0,45 mg/dag in 1 dosis
    • 1 jaar tot 18 jaar en 14 tot 17 kg
      [1]
      • 0,55 mg/dag in 1 dosis
    • 1 jaar tot 18 jaar en 18 tot 21 kg
      [1]
      • 0,7 mg/dag in 1 dosis
    • 1 jaar tot 18 jaar en 22 tot 25 kg
      [1]
      • 0,85 mg/dag in 1 dosis
    • 1 jaar tot 18 jaar en 26 tot 29 kg
      [1]
      • 0,9 mg/dag in 1 dosis
    • 1 jaar tot 18 jaar en 30 tot 33 kg
      [1]
      • 1 mg/dag in 1 dosis
    • 1 jaar tot 18 jaar en 34 tot 37 kg
      [1]
      • 1,15 mg/dag in 1 dosis
    • 1 jaar tot 18 jaar en 38 tot 41 kg
      [1]
      • 1,25 mg/dag in 1 dosis
    • 1 jaar tot 18 jaar en 42 tot 45 kg
      [1]
      • 1,4 mg/dag in 1 dosis
    • 1 jaar tot 18 jaar en 46 tot 50 kg
      [1]
      • 1,6 mg/dag in 1 dosis
    • 1 jaar tot 18 jaar en ≥ 51 kg
      [1]
      • 2 mg/dag in 1 dosis
Melanoom
  • Oraal
    • ≥ 12 jaar en 26 tot 37 kg
      [2]
      • 1 mg/dosis in 1 dosis
    • ≥ 12 jaar en 38 tot 50 kg
      [2]
      • 1,5 mg/dosis in 1 dosis
    • ≥ 12 jaar en ≥ 51 kg
      [2]
      • 2 mg/dosis in 1 dosis

Nierfunctiestoornissen bij kinderen > 3 maanden

Er zijn geen gegevens bekend over doseeraanpassing bij nierfunctiestoornissen.

Bijwerkingen bij kinderen

Het veiligheidsprofiel bij pediatrische patiënten kwam grotendeels overeen met het veiligheidsprofiel dat eerder bij volwassen patiënten was vastgesteld.

In klinische onderzoeken bij pediatrische patiënten die werden behandeld met trametinib in combinatie met dabrafenib:

  • Meest voorkomende bijwerkingen (frequentie ≥ 20%): koorts (70%), huiduitslag (49%), hoofdpijn (47%), braken (40%), vermoeidheid (36%), droge huid (35%), diarree (34%), hemorragie (34%), misselijkheid (29%), acneïforme dermatitis (29%), buikpijn (28%), neutropenie (26%), hoest (24%) en transaminasen verhoogd (22%).
  • De meest frequent gemelde ernstige (graad 3/4) bijwerkingen waren: neutropenie (15%), pyrexie (11%), transaminasen verhoogd (6%) en gewichtstoename graad 3 (5%).
  • Overige bijwerkingen: gewichtstoename (16%), verlaging LVEF (5%), verhoging bloeddruk (2%), uveïtis (4%), iridocyclitis (2%) en pancreatitis (1%).
  • Op dit moment zijn er weinig langetermijngegevens over groei en skeletale rijping bij pediatrische patiënten.

[SmPC Spexotras]

 

 

 

Bijwerkingen algemeen Bron: ZorgInstituut Nederland - Farmacotherapeutisch Kompas

Mekinist, monotherapie
Zeer vaak (> 10%): hypertensie, hemorragie (bv. bloedneus, conjunctivale bloeding, tandvleesbloeding, bloederige feces, hematurie, vaginale bloeding, maag- en postprocedurebloeding). Hoesten, dyspneu. Droge mond, misselijkheid, braken, buikpijn, diarree, obstipatie. Droge huid, jeuk, huiduitslag (bij ca. 60%), acneïforme dermatitis, alopecia. Vermoeidheid, perifeer oedeem, koorts. Stijging ASAT-waarde.

Vaak (1–10%): bradycardie, afname LVEF, linkerventrikeldisfunctie. Pneumonitis. Stomatitis. Folliculitis, cellulitis, pustuleuze huiduitslag, paronychia. Overgevoeligheid. Erytheem, hand-voetsyndroom, huidkloven, gebarsten huid. Gezichtsoedeem, periorbitaal oedeem, mucositis, asthenie. Verminderd zicht. Dehydratie. Lymfoedeem. Anemie. Stijging ALAT, alkalische fosfatase en creatinekinase. Perifere neuropathie.

Soms (0,1–1%): hartfalen. Interstitiële longziekte. Colitis, gastro-intestinale perforatie. Rabdomyolyse. Chorioretinopathie, papiloedeem, retinaloslating, retinale vene-occlusie.

Verder is gemeld: atrioventriculair blok.

Mekinist, in combinatie met dabrafenib
Zeer vaak (> 10%): hypertensie, bloedingen (waaronder intracraniële bloedingen en fatale bloedingen). Nasofaryngitis, hoest. Misselijkheid, braken, diarree, obstipatie, buikpijn. Afgenomen eetlust. Hoofdpijn, duizeligheid. Artralgie (bij ca. 25%), myalgie, pijn in ledemaat. Vermoeidheid, koorts, koude rillingen, asthenie, perifeer oedeem, influenza-achtige ziekte. Droge huid, jeuk, huiduitslag (bij ca. 24%), erytheem. Stijging ALAT, ASAT.

Vaak (1–10%): hypotensie, afname LVEF. Dyspneu. Plaveiselcelcarcinoom van de huid, papilloom, seborroïsche keratose, cellulitis, folliculitis, pustuleuze huiduitslag, panniculitis, acneïforme dermatitis, actinische keratose, hyperkeratose, huidfissuren, huidlaesie, hand-voetsyndroom, hyperhidrose, nachtzweten, alopecia, paronychia, fotosensibilisatie. Urineweginfecties. Visusstoornis, wazig zien, uveïtis. Stomatitis, droge mond. Mucositis, gezichtsoedeem, lymfoedeem. Spierspasmen. Neutropenie, leukopenie, anemie, trombocytopenie. Dehydratie, hyponatriëmie, hypofosfatemie, hyperglykemie. Stijging AF, γ–GT, bloed creatinekinase. Perifere neuropathie.

Soms (0,1–1%): bradycardie, atrioventriculair blok. Overgevoeligheid, sarcoïdose. Interstitiële longziekte, pneumonitis. Pancreatitis, colitis. Nierfalen, nefritis. Iridocyclitis, iritis, chorioretinopathie, retinaloslating, periorbitaal oedeem. Acrochordon. Nieuw primair melanoom. Acute febriele neutrofiele dermatose.

Zelden (0,01-0,1%): gastro-intestinale perforatie.

Verder zijn gemeld: myocarditis. Stevens-Johnsonsyndroom, DRESS-syndroom (geneesmiddelexantheem met eosinofilie en systemische symptomen), gegeneraliseerde exfoliatieve dermatitis. Rabdomyolyse. Hemofagocytaire lymfohistiocytose. Nieuwe maligniteiten, ook niet-cutane (door dabrafenib; vooral bij aanwezigheid van RAS-mutaties). Plaatselijke reactie op getatoeëerde huid.

Spexotras, in combinatie met dabrafenib
Zeer vaak (> 10%): paronychia. Neutropenie, anemie, leukopenie. Hoofdpijn, duizeligheid. Hemorragie. Hoest. Buikpijn, obstipatie, diarree, misselijkheid, braken. Acneïforme dermatitis, droge huid, jeuk, huiduitslag, erytheem. Artralgie, pijn in ledemaat. Koorts, vermoeidheid, gewichtstoename. Stijging transaminasen in het bloed.

Vaak (1-10%): urineweginfectie, cellulitis, nasofaryngitis. Huidpapilloom. Trombocytopenie. Overgevoeligheid. Dehydratie, verminderde eetlust. Wazig zien, verminderd gezichtsvermogen, uveïtis. Verminderde ejectiefractie, bradycardie. Hypertensie, hypotensie. Dyspneu. Pancreatitis, stomatitis. Gegeneraliseerde exfoliatieve dermatitis, alopecia, hand-voetsyndroom, folliculitis, huidlaesie, panniculitis, hyperkeratose. Myalgie, spierspasmen. Mucositis, gezichtsoedeem, koude rillingen, perifeer oedeem, influenza-achtige ziekte. Hyponatriëmie, hypofosfatemie, hyperglykemie, bloed-alkalinefosfatase verhoogd, gammaglutamyltransferase verhoogd, bloed-creatinekinase verhoogd.

Soms (0,1-1%): retinaloslating, periorbitaal oedeem. Colitis. Huidfissuren, nachtzweten, hyperhidrose.

Verder is gemeld: plaatselijke reactie op getatoeëerde huid.

Meld bijwerkingen bij kinderen altijd bij Lareb

  • Bij kinderen worden veel geneesmiddelen off-label gebruikt. Alle ervaringen zijn belangrijk om te melden om zo meer kennis te verzamelen en te delen
  • Ook wanneer u niet zeker weet of de bijwerking echt door het geneesmiddel komt
Meld hier

Contra-indicatie algemeen Bron: ZorgInstituut Nederland - Farmacotherapeutisch Kompas

  • Er zijn van dit middel geen klinisch relevante contra-indicaties bekend.

Waarschuwingen en voorzorgen bij kinderen

Innameadvies: ten minste 1 uur voor of 2 uur na een maaltijd. 

Verlaging van de linkelventrikelfunctie (LVEF) is gemeld bij zowel volwassenen als kinderen. Bij kinderen trad LVEF-verlaging gemiddeld 1 maand na aanvang van de behandeling. Bij combinatietherapie is ernstige acute linkerventrikeldisfunctie als gevolg van myocarditis gezien. Bepaal vóór de start van de behandeling, een maand ná de start en vervolgens ongeveer iedere 3 maanden de LVEF; bij verslechtering de behandeling van trametinib aanpassen. De dosis van dabrafenib hoeft niet te worden aangepast. Denk bij nieuwe of verergerende cardiale tekenen of symptomen ook aan de mogelijkheid van myocarditis. Patiënten met een linkerventrikeldisfunctie, hartfalen (NYHA-klasse II, III, of IV), acuut coronair syndroom in de afgelopen 6 maanden, klinisch significante oncontroleerbare aritmieën en oncontroleerbare hypertensie waren niet geïncludeerd in de klinische onderzoeken.

De incidentie en de ernst van koorts is groter bij de combinatietherapie, zowel bij volwassenen als bij kinderen. Hevige koortsaanvallen (koorts met ernstige rigor, dehydratie, hypotensie en/of acute nierinsufficiëntie) kunnen dan optreden, meestal in de eerste behandelmaand. Bij een lichaamstemperatuur van ≥ 38 ºC de behandeling met trametinib indien gegeven als monotherapie, of zowel trametinib als dabrafenib bij combinatietherapie onderbreken en controleren op de aanwezigheid van een infectie. Behandel volgens lokaal protocol. Herstart de behandeling zodra de patiënt symptoomvrij is, met dezelfde dosis óf een lagere dosis indien de koorts opnieuw optreedt en/of gepaard ging met andere ernstig symptomen, zoals uitdroging, hypotensie of nierfalen; zie voor meer informatie dabrafenib#waarschuwingen.

Controleer regelmatig op visusstoornissen zoals verandering van het zicht, fotofobie en oogpijn. Bij optreden van nieuwe visuele stoornissen (bv. wazig zien, verminderd centraal gezichtsveld, verlies van gezichtsvermogen) onmiddellijk oogheelkundig onderzoek aanvragen. Bij combinatietherapie zijn uveïtis en iridocyclitis waargenomen bij zowel volwassenen als kinderen. Houd de ontsteking onder controle met lokale behandelingen. Indien dit niet lukt de behandeling met dabrafenib aanpassen. Bij de combinatietherapie is er geen dosisaanpassing van trametinib nodig bij uveïtis. Indien een loslating van het retinale pigmentepitheel (RPE) optreedt (en bevestigd is), de behandeling van trametinib aanpassen, bij retinale vene-occlusie (RVO) de behandeling met trametinib definitief staken. De dosis van dabrafenib hoeft bij RPE en RVO niet te worden aangepast. De veiligheid van trametinib bij predisponerende factoren voor RVO (bv. niet onder controle gebrachte oculaire hypertensie of glaucoom, niet onder controle gebrachte hypertensie of diabetes mellitus, een voorgeschiedenis van hyperviscositeitssyndroom (of hypercoagulabiliteitssyndroom)) is niet vastgesteld.

Rabdomyolyse is gemeld bij zowel volwassenen als kinderen. Wees alert op symptomen als spierpijn, braken en geestelijke verwardheid.

Pancreatitis is gemeld bij volwassen en kinderen die werden behandeld met de combinatietherapie. Bij onverklaarbare abdominale pijn direct onderzoek verrichten met meting van de serumamylase en -lipase activiteit. Na hervatten van de behandeling de patiënt nauwgezet controleren.

[FK Trametinib]

Waarschuwingen en voorzorgen algemeen Bron: ZorgInstituut Nederland - Farmacotherapeutisch Kompas

Controleer de bloeddruk voorafgaand aan én regelmatig tijdens de behandeling, in verband met de kans op het ontstaan van hypertensie en hypotensie.

Als monotherapie en bij de combinatietherapie kan longembolie of diep-veneuze trombose optreden. Laat de patiënt zich direct melden bij de eerste tekenen hiervan zoals dyspneu, pijn op de borst en/of zwelling van armen of benen. Bij een levensbedreigende longembolie de behandeling met zowel dabrafenib als trametinib definitief staken.

Als monotherapie en bij de combinatietherapie kunnen ook bloedingen optreden; ernstige of fatale bloedingen zijn gemeld bij de combinatietherapie bij volwassenen. Patiënten met instabiele en/of symptomatische hersenmetastasen of met een laag aantal bloedplaatjes (< 75 × 109/l) waren niet geïncludeerd in de klinische onderzoeken.

Interstitiële longziekte (ILD)/pneumonitis kan optreden, doorgaans 2–6 maanden na aanvang van de behandeling. Bij nieuwe of progressief verlopende pulmonale symptomen (bv. hoesten, dyspneu, hypoxie, pleurale effusie of infiltraten) de behandeling met trametinib onderbreken; bij bevestiging van de diagnose behandelinggerelateerde ILD of pneumonitis trametinib definitief staken. De behandeling met dabrafenib kan met dezelfde dosis worden voortgezet.

Stijging van de leverfunctiewaarden ALAT en ASAT treedt bij > 90% van de patiënten op binnen de eerste 6 maanden van de behandeling (zowel bij monotherapie als bij combinatietherapie); controleer de leverfunctie daarom iedere 4 weken gedurende de eerste 6 maanden van de behandeling en daarna indien klinisch geïndiceerd. Er zijn geen klinische gegevens over het gebruik bij matig of ernstig verminderde leverfunctie; wees voorzichtig, omdat trametinib voornamelijk in de lever wordt gemetaboliseerd en met de gal wordt uitgescheiden.

In combinatie met dabrafenib zijn bij volwassenen nierfalen en granulomateuze nefritis gemeld. Controleer regelmatig de nierfunctie gedurende de behandeling. Bij stijging van de creatininewaarden overwegen de behandeling te onderbreken. Wees voorzichtig bij gebruik van trametinib bij ernstig verminderde nierfunctie; er zijn geen klinische gegevens beschikbaar.

Gastro-intestinale toxiciteit, zoals colitis en gastro-intestinale perforatie, waaronder met fatale afloop bij volwassenen, zijn gemeld bij monotherapie en combinatietherapie. Wees voorzichtig bij risicofactoren voor gastro-intestinale perforatie zoals een voorgeschiedenis van diverticulitis, metastasen naar het maag-darmkanaal en gelijktijdig gebruik van sommige geneesmiddelen (bv. NSAID's).

Ernstige huiduitslag (SCAR), waaronder het Stevens-Johnsonsyndroom en DRESS, zijn gemeld bij volwassenen. Laat de patiënt zich direct melden wanneer eerste tekenen van huiduitslag ontstaan. Indien zich symptomen van ernstige huidreacties ontwikkelen (huiduitslag met koorts, malaise, vermoeidheid, spier- en/of gewrichtspijn, blaren, laesies in de mond, conjunctivitis, hepatitis en/of eosinofilie) de behandeling (zowel dabrafenib als trametinib) onmiddellijk staken.

Gevallen van sarcoïdose, voornamelijk met betrekking tot de huid, longen, ogen en lymfeklieren, zijn gemeld bij de combinatie met dabrafenib bij volwassenen. Meestal kon de behandeling worden voortgezet. Bij een vastgestelde sarcoïdose passende behandeling overwegen. Belangrijk is dat sarcoïdose niet verkeerd wordt geïnterpreteerd als ziekteprogressie.

Hemofagocytaire lymfohistiocytose (HLH) is gemeld in combinatie met dabrafenib bij volwassenen. Wees bij deze combinatie hier alert op en staak beide middelen als HLH wordt bevestigd.

Tijdens de combinatiebehandeling met dabrafenib zijn gevallen van plaveiselcelcarcinoom van de huid (incl. (gemengd) keratoacanthoom) en nieuwe primaire melanomen gemeld. Ook bestaat er op basis van het werkingsmechanisme van dabrafenib kans op niet-cutane maligniteiten als RAS-mutaties aanwezig zijn. Er is geen dosisaanpassing van trametinib nodig bij optreden van cutane of niet-cutane maligniteiten. Zie voor meer informatie over benodigde onderzoeken en controles dabrafenib#waarschuwingen.

Het optreden van het tumorlysissyndroom (TLS), dat fataal kan zijn, is gemeld bij de combinatiebehandeling. Risicofactoren voor TLS zijn onder meer een hoge tumorlast, reeds bestaande chronische nierinsufficiëntie, oligurie, dehydratie, hypotensie en zure urine. Patiënten met risicofactoren voor TLS nauwgezet volgen en profylactische hydratie overwegen. TLS dient onmiddellijk te worden behandeld zoals klinisch geïndiceerd.

Interacties Bron: KNMP/Informatorium Medicamentorum

Er is hier op dit moment nog geen informatie over beschikbaar.

PROTEINEKINASEREMMERS

Deze pagina geeft een overzicht van geneesmiddelen uit dezelfde ATC groep. Let op: Dit betekent niet per definitie dat deze middelen onderling uitwisselbaar zijn.

BCR-ABL-TYROSINEKINASEREMMERS

Dasatinib

Sprycel
L01EA02

Nilotinib

Tasigna
L01EA03
ALK-REMMERS

Crizotinib

Xalkori
L01ED01
OVERIGE PROTEINEKINASEREMMERS

Entrectinib

Rozlytrek
L01EX14

Larotrectinib

Vitrakvi
L01EX12

Vandetanib

Caprelsa
L01EX04

Referenties

  1. SmPC Spexotras (EU/1/23/1781/001), Novartis Europharm Limited , 05/01/2024
  2. SmPC Mekinist (EU/1/14/931/001, EU/1/14/931/002, EU/1/14/931/005, EU/1/14/931/006), Novartis Pharma B.V. , 14-2019
  3. Informatorium Medicamentorum, Interacties, Geraadpleegd 27 mei 2026
  4. Zorg Instituut Nederland, Farmacotherapeutisch Kompas (Eigenschappen, bijwerkingen, contra-indicaties, waarschuwingen en voorzorgen), Geraadpleegd 27 mei 2026

Wijzigingen

Therapeutic Drug Monitoring


Overdosering